Ga verder naar de inhoud

Lieven Danneels: “Internationaal toptalent aantrekken is geen detail, het is een strategische keuze: Wie de beste talenten heeft, wint”

Welke schakel is onmisbaar voor het succesvol implementeren van strategische keuzes om 'Vlaanderen te versnellen'? Volgens Lieven Danneels, VARIO-voorzitter en co-ceo van Televic, moeten we vooral kijken naar de instroom van topprofielen: “We hebben toptalenten nodig om het niveau omhoog te trekken, maar de markt voor toptalenten is competitiever dan ooit.” 

Toptalent maakt het verschil. Vandaag, in een globale en hypercompetitieve economie, weegt dat verschil zwaarder dan ooit. “We hebben goede mensen nodig in elke laag van onze maatschappij, maar zéker in de hoogste rangen omdat zij het niveau van een hele organisatie omhoog kunnen trekken. Dat is net zoals in het voetbal: het is een ploegsport, maar één uitzonderlijke speler tilt de hele ploeg naar een hoger niveau. Dat geldt ook voor technologie, onderzoek en ondernemerschap.” 

Heel wat bedrijven hebben er moeite mee: internationaal toptalent aanwerven blijkt niet simpel.

“Dat klopt, zeker omdat de hele wereld vandaag actief op zoek is naar dezelfde profielen. En toptalent is mobieler dan ooit. We concurreren met de hele wereld: van Silicon Valley tot China en de Verenigde Arabische Emiraten. Talent is een competitieve markt geworden. Vlaanderen heeft troeven, maar ook duidelijke beperkingen.”

Wat zijn die beperkingen?

“We zijn een klein taalgebied, terwijl de lingua franca Engels is. Hoewel we in Vlaanderen goed zijn in talen, wordt er van mensen die naar hier komen wel een zeker niveau van Nederlands verwacht. Daarnaast is het nog steeds een hele administratieve rompslomp voor mensen om in België te mogen werken. Vlaanderen heeft de wachttijd voor de werkvergunning al drastisch ingekort voor hooggeschoolden, maar de federale verblijfsvergunning is niet gevolgd. Het duurt in ons land nog steeds vier maanden om een ‘single permit’ te bemachtigen. Bovendien zijn onze hoge RSZ- en fiscale lasten een groot probleem. Als we internationaal concurrentieel willen zijn, moeten we uitzonderingen durven maken, zoals we dat bij topsporters doen. Al die elementen zijn geen details. Voor toptalenten zijn dat doorslaggevende factoren.”

Wat kunnen we hen dan wel bieden?

“Internationale toppers willen in de eerste plaats hun ding kunnen doen. Ze willen vrijheid, een stimulerende omgeving, werken met andere toppers, toegang tot sterke onderzoeksinstellingen en een ecosysteem dat kansen biedt. Dat in combinatie met een aantal praktische zaken: vlotte integratie, internationale scholen voor hun kinderen, rechtszekerheid en … stabiliteit. En natuurlijk ook een goede levenskwaliteit en de mogelijkheid om goed te verdienen. In Europa trekken we daar soms onze neus voor op, maar het is een competitieve markt.”

Als het moeilijk is om internationale talenten aan te trekken, moeten we dan meer inzetten op eigen opleiding?

“Zeker, het is een én-én verhaal, talent van eigen bodem is het andere luik. Vlaanderen heeft een sterk onderwijs, maar je merkt dat het moeilijk is om het niveau hoog te houden. Waar we volgens mij te weinig op durven inzetten, is excellentie. We willen er nu te veel naar streven dat iedereen gelijk is, ook op school. Terwijl ik denk dat de ene gewoon beter is in het ene en de andere in iets anders. Het belangrijkste is dat we de beste willen zijn, in eender welke branche. Ben je bakker? Dan wil je de beste bakker zijn. Ben je voetballer? Dan wil je de beste voetballer zijn. Ben je goed in wetenschappen? Dan moet je de beste willen zijn. Excellentie kan op elk niveau. We moeten ambitie tonen, maar dat vraagt een mentaliteitsverandering.”

Wat is volgens jou dé onmisbare schakel in het Vlaamse talentbeleid?

“We hebben nood aan een samenhangend beleid, geen losse maatregelen. We hebben toptalenten nodig, nu en in de toekomst. Dat besef en een beleid dat een antwoord biedt op die uitdagingen, is dringend nodig. Talent aantrekken en behouden is geen detail, het is een strategische keuze.”

In het kader van de ‘Vlaamse Versnelling’ - het regeringsbrede offensief om de productiviteit en de competitiviteit van de Vlaamse economie, en dus de welvaart en het welzijn in Vlaanderen, duurzaam te versterken – werd VARIO om advies gevraagd bij het afbakenen van strategische sectoren. Het VARIO-colloquium 2025 ‘Vlaanderen versnelt – hoe strategisch schakelen?’ bouwde voort op deze vraag en op de ‘Vlaamse Versnelling’.  Tijdens de keynotes en het panelgesprek kwamen verschillende onmisbare schakels voor het succesvol selecteren en implementeren van strategische keuzes aan bod. VARIO laat graag de komende vijf weken verschillende experts hierover aan het woord.